Note 9 — Hoofdstuk VI: Verhalen uit den Cyclus van Ossian.
B. C. (Boudewijn Casper) Goudsmit translation
De geschiedenis vertelt verder dat kort daarna Finn’s honden, Bran en Skolawn, een hert opjoegen bij den Heuvel van Allen en het noordwaarts dreven totdat de jacht eindigde op den top van Slievegallion, een berg die, evenals Slievenamon9 in het zuiden, in het oude Ierland een waar brandpunt was van Danaansche tooverkunst en legenden. Finn volgde de honden alleen, totdat het jonge hert op een bergrug verdween. Er naar zoekend, kwam Finn eindelijk bij het kleine meer op den bergtop en zag aan den oever er van een vrouw, wonderbaarlijk schoon, die daar zat te jammeren en te schreien. Finn vroeg waarom zij zoo bedroefd was. Zij zeide dat een gouden ring, waaraan zij veel waarde hechtte, van haar vinger in het meer was gevallen, en zij legde Finn als geise op dat hij in het meer zou springen en den ring voor haar zoeken.