Note 37 — Hoofdstuk V. Verhalen van den Cyclus van Ulster. (continued 2)
B. C. (Boudewijn Casper) Goudsmit translation
Voordat wij met dezen uitgebreiden cyclus van legendenliteratuur eindigen, willen wij nog even wijzen op datgene, wat misschien de aandacht van enkele lezers heeft getrokken—hoezeer de voornaamste karakters en episodes genoemd zijn in de nog overgebleven plaatsnamen van het land.37 Dit geldt in het algemeen voor Iersche legenden, maar vooral voor den cyclus van Ulster. Getrouw hebben die namen, gedurende vele eeuwen van duisternis en vergetelheid, gewezen op de verborgen schatten van helden-romantiek, die de arbeid van onze dagen nu aan het licht brengt. De naam van de kleine stad Ardee, brengt ons,38 zooals wij gezien hebben, den tragischen dood in herinnering van Ferdia door toedoen van zijn trouwsten makker, den edelsten held van Wales. De puinhoopen van Dūn Baruch, waar Fergus op het verraderlijke festijn was genoodigd, zien nog neer op de wateren van Moyle, waarover Naisi en Deirdre hun tragisch lot tegemoet gingen. Ardnurchar, de Heuvel van den Geslingerden Steen, in Westmeath,39 brengt ons de geschiedenis van den fieren monarch voor den geest, de menigte toeschouwende vrouwen, en den zich bukkenden vijand met het doodelijke werptuig, dat de wraak van Mesgedra droeg. De naam Armagh, of Ard Macha, de Heuvel van Macha, bewaart de herinnering aan de tooverbruid en haar heldenoffer, terwijl nog steeds de graswal zichtbaar is, waar de oorlogsgodin in de oudere legende met de pen van haar speld den omtrek uitzette, toen zij de koninklijke vesting Ulster stichtte. Wij zouden nog een aantal bladzijden met die voorbeelden kunnen vullen. Misschien zijn in geen ander modern land plaatsnamen zóó zeer verbonden met bepaalde legenden als in Ierland. Poëzie en mythen zijn daar nog altijd nauw verbonden met den grond van het land—een feit, waarin een bron van opvoeding en bezieling der edelste soort voor de hand ligt, als wij maar in staat waren die te zien en de kunst verstonden, daarvan gebruik te maken.