Note 11 — Theodosius de Katholieke.
Reading edition
Deze verwoesting van de oude tempels en beelden, waartegen Libanius, de geleerde meester van Chrysostomus, tevergeefs protesteerde in zijn vurige rede Pro Templis, werd niet beperkt tot Rome. De vele monumenten van klassieke oudheid11, die Constantinopel versierden, waren uit Griekenland en Rome gestolen. Dit was erg genoeg, maar bovendien werden er ontelbare prachtige gebouwen en kunstwerken vernield door monniken en andere fanatieken, die werden opgewekt en gesteund door de edicten van Theodosius en door de gevolmachtigden, die hij naar verre provinciën stuurde om zijn edicten uit te voeren. Het verwoestingswerk12 begon, naar het schijnt in Syrië, waar een zekere bisschop Marcellus, na met geweldige inspanning den grooten tempel van Zeus te Apamea afgebroken te hebben, vergezeld van een bende fanatieken andere steden aanviel met hetzelfde doel, totdat hij door de woedende inwoners werd gegrepen en levend verbrand. In Gallië leidde (c. 370) de bisschop van Tours, de beroemde St. Martinus, aan wien ongeveer 160 Engelsche Kerken gewijd zijn, groote benden monniken en andere zeloten van de eene plaats naar de andere, terwijl hij alle overblijfselen van heidensche architectuur en kunst vernielde, niettegenstaande de oude goden zich in vijandige demonen-gestalten vertoonden. In Alexandrië, na een bloedig gevecht tusschen Heidenen en Christenen, plunderde de patriarch, de bekende Theophilus, den reusachtigen tempel van Serapis, die beschouwd werd als het voornaamste steunpunt van het Egyptische paganisme, en verwoestte dezen—het is mogelijk dat één van de twee Alexandrijnsche bibliotheken met het Serapeum vernietigd is13.