Note 11 — Theoderik.
Reading edition
Behalve zijn Mausoleum en de overblijfselen van zijn paleis bezit Ravenna van Theoderik nog in uitstekenden toestand, een zeer schoon gebouw met prachtig decoratief—de basiliek, nu S. Apollinare Nuovo geheeten, die hij bouwde in verbinding met zijn paleis. Toen hij, in 493, de stad, die zoo lang door Odovacar was verdedigd, innam, stonden er waarschijnlijk reeds de kerken, die in verband met Galla Placidia zijn genoemd (p. 80). Deze kerken waren alle katholieke, en Theoderik schijnt zich eerst tevreden gesteld te hebben met het in bezit nemen van de kerk van S. Teodoro11; hij veranderde het Romeinsche bad in een baptisterium, dat nu nog de Battistero degli Ariani heet. Later beantwoordde hij Justinus’ bevel om de Ariaansche kerken te sluiten door alle Katholieke kerken te sluiten of voor den Ariaanschen dienst te veranderen, en het zgn. Ariaansche kruis kon men waarschijnlijk in alle kerken te Ravenna zien.12 Zijn basiliek was de kerk, die hij in verbinding met zijn paleis bouwde, waarvoor hij vele prachtige marmeren zuilen van Rome liet aanvoeren. Zij werd gewijd aan Jezus Christus en behield dien naam, totdat zij werd “gereinigd” voor den Katholieken dienst door Aartsbisschop Agnellus (c. 560). Toen kreeg die kerk den naam van Sanctus Martinus in Caelo aureo (met dien “gouden hemel” wordt ook hier het vergulde dak bedoeld). Ongeveer 800 werd zij weder gewijd als S. Apollinare, en van de andere basiliek van dien naam, die gebouwd werd op de plaats, waar de heilige13 was gemarteld, even buiten de havenstad van Ravenna (de toenmalige “Classis”), onderscheiden door de bijvoeging Nuovo of Dentro (“Binnen”).