Note 3 — St. Benedictus.
Reading edition
Bij Subiaco leefde hij een tijd als kluizenaar; zijn voedsel werd hem verschaft door een monnik en later door schaapherders, die het aan een touw in zijn grot lieten zakken. Maar soms moest hij zijn schuilplaats verlaten, wanneer het ten minste in deze periode was, dat hij gewoon was zich te straffen voor zijn verliefde gedachten aan een Romeinsche schoone door zich naakt in een doornboschje te rollen, dat sinds dien tijd rozen droeg, de rechtstreeksche voorouders, zegt men, van die, welke nu aan den bezoeker van den kloostertuin getoond worden.3