Note 5 — De Noormannen.
Reading edition
Behalve de Noormannen te Aversa waren er vele groepen, die zich nog nergens blijvend gevestigd hadden, maar in dienst traden, waar gestreden werd, en hun aantal groeide voortdurend aan door nieuwen aanvoer uit het noorden. Guaimar van Salerno, die steeds door de Saracenen met hun sterke vloten werd lastig gevallen, verbond zich (1038) met de Byzantijnen van Zuid-Italië om een aanval te doen op Sicilië, dat reeds twee eeuwen, sinds den val van Palermo in 831, in de macht van de ongeloovigen was. Deze expeditie, ofschoon die mislukt is, omdat de aanvoerders twist kregen en de strijdkrachten van de Christenen weldra naar Italië terugkeerden, verdient toch onze aandacht, daar een van de voornaamste strijders bij het contingent van de Noormannen een oudere broeder van den beroemden Robert Guiscard was, een van de twaalf zonen van Tancredo d’Hauteville. Zijn naam was Willem Bras de fer, hij noemde zichzelf Graaf van Apulië en volgens zijn levensbeschrijver5 was hij “een leeuw in den oorlog, een lam in gezelschap en een engel in den raad”. Met zijn “ijzeren arm” wierp hij den emir van Syracuse van het paard en doodde hem; zijn kleine troep krijgslieden versloeg 60.000 Saracenen. Doch niettegenstaande dergelijke wapenfeiten was alles vergeefsch en het duurde nog vijftig jaren, voordat de heerschappij der Noormannen op Sicilië gevestigd was.