← Table of contents
Italië in de Middeleeuwen

Note 33 — 800–1190.

Reading edition

Hendrik III, de zoon en opvolger van Koenraad, regeerde ongeveer zeventien jaar als koning en tien jaar als keizer. Hij werd eerst ernstig bezig gehouden door onlusten in Hongarije en Carinthië, en toen hij ten slotte in 1046 besloot Italië een bezoek te brengen, deed hij dit blijkbaar niet zoozeer met de bedoeling den keizerlijken diadeem te ontvangen als wel om een eind te maken aan den schandelijken toestand, die toen aan het pauselijke hof heerschte. Hij was zeer godsdienstig van aard, geneigd tot ascetisme33 en begunstigde ernstig de hervorming van de Kerk, waarvoor de monniken van Cluny streden; zelfs was hij een voorstander van het moedige voorstel van een “Godsvrede” (treuga Dei), waarbij alle strijd gedurende vier dagen van de week zou verboden worden. Hoe de stand van zaken in Rome was, kan men eenigszins opmaken uit de volgende feiten; waarschijnlijk was het nooit erger, zelfs niet in de dagen van de Borgia’s. Toen Hendrik in Italië gekomen was, hield hij drie Concilies, te Pavia, in de oude Etrurische stad Sutri, en te Rome. Op deze Concilies werd het feit, dat de pauselijke waardigheid door Benedictus aan Gregorius verkocht was, veroordeeld als de snoodste simonie en werden de drie Pausen afgezet. Silvester trok zich in een klooster terug, Gregorius werd naar Duitschland gevoerd (vergezeld door Hildebrand, den monnik, van wien wij later meer zullen hooren) en Benedictus vluchtte met zijn bloedverwanten naar Tusculum. Hendrik liet den Duitschen Bisschop van Bamberg tot Paus kiezen en werd door hem op Kerstmis 1046 als Keizer gekroond.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings