← Table of contents
Italië in de Middeleeuwen

Note 25 — 800–1190.

Reading edition

Hendrik II, een Beiersch hertog van het Saksische huis, die Otto opvolgde, had persoonlijk niet veel met Italië te doen, maar zooals ook met andere Duitsche Koningen van Italië en Imperatores Romanorum het geval is, kan zijn regeering dienen als een bruikbare omlijsting van belangrijke gebeurtenissen. Otto’s pogingen om in Italië een Keizerrijk te stichten hadden niet slechts gefaald, maar zelfs een krachtig anti-Germaansch gevoel in het heele land opgewekt. Hij had gehoopt op den steun van de Kerk en den invloed van de geestelijkheid versterkt door te erkennen, dat zij het erfelijk recht op de gunst van de kroon had en onafhankelijk was van andere leenheeren. Hierdoor waren de edelen diep gegriefd en besloten het vreemde juk af te werpen. In Rome bezat de zoon van Crescentius, dien Otto had terechtgesteld, ondanks de keizersgezinde politiek van den wijzen Paus Silvester II, die vroeger de voogd van Otto was geweest, tien jaren lang groote macht als hoofd van de leeken-aristocratie, totdat hij werd opgevolgd door de Graven van Tusculum25, die de stad gedurende een nog langere periode beheerschten. In Noord-Italië was, niet alleen onder den adel, maar ook in de talrijke steden26, wier rijkdom en onafhankelijkheid snel toenam, de vijandige stemming tegen de Noordelijke barbaren zoo sterk, dat een maand na den dood van Otto III de markgraaf van Ivrea, Arduin, met de ijzeren Longobardische kroon te Pavia gekroond werd.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings