Note 3 — 800–1190.
Reading edition
Toen werd Lotharius in zijn plaats Koning van Italië en nam de uitnoodiging van den Paus aan om zijn keizerlijken titel in Rome te laten bekrachtigen. Maar hoe weinig geneigd hij was de pauselijke aanspraken op gezag of zelfs op rechtspraak in Rome te erkennen, blijkt wel uit het feit, dat hij aldaar zijn keizerlijken rechterstoel plaatste en als hoogste rechter uitspraak deed in een zaak tegen Paus Paschalis. Dit besliste optreden, waartoe Lotharius eerder geleid werd door het voorbeeld van zijn grootvader dan door den invloed van zijn zwakken en bigotten vader, was ongetwijfeld in de goede richting; hij en zijn opvolgers hadden, indien zij aldus krachtig waren voortgegaan, misschien de ellende kunnen voorkomen, die de Pausen eeuwen lang veroorzaakt hebben door hun begeerte naar wereldlijke macht3. Doch de mede-keizer was niet krachtig genoeg om den Paus in zijn eigen hol te trotseeren. Zoodra Lotharius Rome verlaten had, werden eenige van Paschalis’ tegenstanders gevangen genomen en gedood, waarschijnlijk op bevel van den Paus, en toen er gezanten van den verontwaardigden Keizer kwamen om de zaak te onderzoeken, stelde de sluwe priester hen door een welbekende list te leur en legde plechtig voor een openbare vergadering in het Lateraan een verklaring af van zijn volkomen onschuld, terwijl hij tegelijkertijd stoutweg verzekerde, dat zijn vijanden als verraders waren omgekomen (velut majestatis reos).