Note 28 — 568–800.
Reading edition
De nieuwe Paus toonde dadelijk, welke lijn hij in de politiek zou volgen. Hij zond Karel het vaandel van de stad Rome en de gouden sleutels van de St. Pieter, waardoor hij hem als Patricius en Verdediger van de Kerk28 erkende en bij de dateering van zijn Bullen ging hij niet uit van de troonsbestijging van den Keizer, maar van den “Koning der Franken en Longobarden”; aldus verbrak hij den laatsten band met de Oost-Romeinsche heerschappij. Karel beantwoordde deze beleefdheden door Zijne Heiligheid te verzekeren, dat hij de Kerk zou verdedigen tegen buitenlandsche vijanden en binnenlandsche ketterij en smeekte, dat hij hem zooals Mozes29, met opgeheven handen, bij zijn ondernemingen zou helpen.