Note 17 — 568–800.
Reading edition
Keizer Leo17 nam, nadat hij de eerste negen jaren van zijn regeering had gebruikt om de Saracenen krachtig terug te werpen en gelukkige veldtochten tegen hen in Sicilië had volbracht, in 628 het gewichtig besluit de Hercules-arbeid op zich te nemen om de Godshuizen te zuiveren van idolatrie, want hij was besloten den oorlog te verklaren aan de fetisch-vereering van beelden en schilderstukken. Zijn eerste daad was het beroemde Edict, dat beval alle godsdienstige beelden te vernielen of uit de kerken te verwijderen. Dit Edict was des te hatelijker voor de Katholieke geestelijkheid, omdat er een minachting achter verscholen was voor de Maria-vereering en het plompe bijgeloof, dat samenhing met de relieken—om niet te spreken van het kloosterleven en het gedwongen coelibaat.