← Table of contents
Italië in de Middeleeuwen

Note 7 — 568–800.

Reading edition

Agilulf vond drie geduchte vijanden tegenover zich, de Franken, Byzantijnen en Romeinen, die hem gemakkelijk hadden kunnen overweldigen, indien zij eensgezind waren geweest. Doch de Franken waren oneenig, want hun koninkrijk, Neustrië en Austrasië, werd bewoond door de zeer verschillende Salische en Ripuarische Franken en was bij den dood van Clothar (558) en nog eens bij den dood van Childebert (596) onder eenige erfgenamen verdeeld. De Byzantijnsche macht was gehaat bij het Italiaansche volk en werd bovendien belemmerd door de moeilijkheden in het Verre Oosten, waar de machtige dynastie van de Perzische Sassaniden reeds ongeveer vier eeuwen het Keizerrijk trotseerde en bleef trotseeren, totdat Perzië in 651 door de Mohammedanen werd veroverd. De derde tegenstander van de Longobarden was het “hertogdom” Rome, dat in naam nog onder den Byzantijnschen stadhouder stond7, maar inderdaad vrijwel onafhankelijk was en zich vrijwillig gesteld had onder het gezag van den Paus, die zoo krachtig mogelijk zijn burger-lijken en geestelijken invloed tegen de Longobarden, die vreemdelingen en Arianen, aanwendde. Maar Agilulf, geleid door de raadgevingen van zijn gemalin, slaagde er in de Franken tevreden te stellen, die het hem een tijdlang niet meer lastig maakten, en zich staande te houden tegen de Byzantijnen, terwijl Theodelinda zelf ten slotte de warme vriendschap won van den krachtigsten tegenstander van haar gemaal, Paus Gregorius, die bekoord werd door het vooruitzicht de kettersche Longobarden door haar invloed tot het Katholicisme te bekeeren.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings