Note 6 — 300–800.
Reading edition
Het is niet zeker of er Christelijke basilieken of in het algemeen kerken, die zich niet onder den grond bevonden, vóór den “Kerkvrede” (313) bestaan hebben. Van den tijd van Constantijn6 tot de dagen van Theoderik en de komst van de Longobarden (ongeveer 250 jaar) was de basiliek-stijl overheerschend in Rome, waar ongeveer twintig kerken7 nog in mindere of meerdere mate de sporen van klassieke tempels of basilieken vertoonen, daar de zuilen of fundamenten dikwijls van oude tempels of basilieken zijn. De prachtigste van dezen is de S. Maria Maggiore (gesticht c. 352) en een zeer belangrijk voorbeeld is de S. Clemente (gesticht c. 320), terwijl de heerlijke S. Paolo fuori die voor den noodlottigen brand van 1823 de grootste was van de nog bestaande oude basilieken, nu onder de reconstructies gerekend moet worden. Wanneer men bedenkt, dat Rome zoo lang onder Byzantijnsche heerschappij heeft gestaan lijkt het vreemd, dat het nauwelijks eenig ander spoor van Byzantijnsche bouwkunst bezit, vooral daar de Byzantijnsche invloed op de Romeinsche mozaïeken later (d.w.z. nadat de strijd over den beeldendienst de kunstenaars uit het oosten naar Rome had gebracht) zeer waarneembaar is.