Note 38 — 1190–1313.
Reading edition
Zijn jeugdige kleinzoon, Karel Martel38, werd in plaats van zijn vader, die in gevangenschap verkeerde, tot koning uitgeroepen; maar ongeveer vier jaar later werd door den invloed van Koning Eduard I van Engeland Carlo lo Zoppo in vrijheid gesteld en was gedurende de volgende twintig jaren Koning van Napels en Zuid-Italië; bovendien maakte hij aanspraak op den troon van Sicilië, die door een Spaanschen vorst bezet werd. Deze Spaansche monarch was evenwel niet Pedro van Arragon en Sicilië, want die was in hetzelfde jaar gestorven als zijn groote tegenstander, Karel van Anjou, en was in Sicilië opgevolgd door zijn zoon Jacob (den Rechtvaardige). Jacob en Karel II (de Lamme) voerden met eenige onderbreking oorlog, doch richtten weinig uit. In 1290 werd Johan Koning van Arragon, na den dood van zijn oudsten broeder Alfonso, en zijn jongste broeder, Frederik, werd de Spaansche onderkoning van Sicilië.