Note 43 — 1190–1313.
Reading edition
Zooals bekend is, brandmerkt Dante Celestinus (want zonder twijfel wordt deze Paus bedoeld, ofschoon hij niet genoemd wordt) als dengene, die uit lafheid de groote weigering had gedaan en plaatst hem onder de groote menigte van onedele zielen die nooit levend waren (che mai non fûr vivi) en veroordeeld zijn te rennen achter een banier over een donker plein bij den Acheron, terwijl zij door muggen en wespen worden gestoken. (Inferno III).