Note 74 — VI. Indeeling.—Op Passar Senin.
Reading edition
Herman werd, zoo als hierboven verhaald is, ingedeeld bij het 11de bataillon infanterie, dat te Weltevreden in garnizoen lag. Drommels, de dienst bij de veldbataillons was destijds, althans te Batavia, niet gemakkelijk. In die dagen werden andere exercitie-reglementen bij de infanterie in Nederlandsch Indië gevolgd dan wel bij het Nederlandsche leger. Op de soldaten-, peloton- en bataillon-scholen bestond een zoogenaamd „vervallen en vervangen door,” een lijvig cahier, dat door de gegradueerden eerst overgeschreven en daarna van buiten geleerd moest worden. De luitenant-adjudant van het bataillon, waarbij Riethoven stond, was een man van de letter en, belast met het onderwijs in de militaire reglementen van het kader, eischte hij van de onderofficieren en korporaals, dat zij niet alleen „dat vervallen en vervangen door,” maar ook de bedoelde scholen, die vervallen waren, letterlijk van buiten kenden. De man was zoo stipt minutieus op de letter gesteld, dat het meermalen gebeurde, dat hij op de theorie74 vroeg, wat het laatste woord was b.v. van de soldatenschool, of wel van deze of gene afdeeling. En wee dengene, die dat woord niet onmiddellijk wist op te dreunen. Het was voor den luitenant het onwraakbaar bewijs, dat de delinquent zijn reglement niet had ingekeken.