← Table of contents
Historisch dagverhaal der reize van den heer De Lesseps

Note 38 — EERSTE DEEL.

Reading edition

Men weet dat dit de heerschende neiging is bij alle Noordsche volkeren, dog ik heb meer dan eens gelegenheid gehad om optemerken, dat de Kamschatters daar in voor geen ander volk onderdoen; ziet hier onder anderen een trek, dien men mij op de plaats verhaald heeft, om mij te doen oordeelen van de roofzucht dezer zwervende Koopluiden, en van de domme milddadigheid der geenen, die door hun bedrogen worden.

Een Kamschatter had een sabelmarter voor een glas brandewijn afgestaan; brandende van begeerte om nog een ander te drinken, verzoekt hij den kooper om in zijn huis te komen, deeze bedankt en zegt haast te hebben, de drinker doet op nieuw aanzoek en staat een tweeden koop voor, op dit woord laat de ander zich overhaalen. = „Nog een glas voor deeze marter, ze is fraaijer als de eerste. = Neen ik moet mijn overigen brandewijn bewaaren, ik heb beloofd ze op die plaats te verkoopen en ik vertrek. = Nog een oogenblik, ziet daar twee marters. = Dat lijkt ’er niet na. = Wel nu! ik zal ’er de derde bijvoegen. = Kom aan drink”. Ter zelver tijd wierden de drie marters opgevat, en de Koopman houd zich op nieuw als of hij gaan wil, zijn hospes verdubbeld zijne vriendelijkheden om hem te houden; hij vraagt een derde glas, bij iedere nieuwe weigering een nieuw aanbod, hoe meer de koopman zijn waar op prijs houd, hoe meer de Kamschatter stout aanbied; wie zou kunnen gelooven, dat hij eindelijk voor dit laatste glas zeven Sabelmarters van de grootste schoonheid opoffert? dit was alles het geen hem nog overbleef.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings