Note 5 — De komst van het voedsel.
J. Kuylman translation
Het voorval leek hem niet in het minst belangrijk. Er zijn stééds oude vrouwen, in àlle tijden, geweest die bundels getorst hebben, de geheele wereld door. En wat heeft het uitgemaakt? „Wij liggen er geheel en al buiten,” zei de dominé. „Wij leven in een sfeer van eenvoudige dingen die niet licht veranderen; van Geboorte en Arbeid, simpelen tijd van zaaien en simpelen oogst. Het rumoer gaat ons voorbij.” Hij kon altijd goed praten over wat hij noemde de permanente dingen. „De dingen veranderen,” placht hij te zeggen, „doch de Menschheid—aere perennius”.5 Hij hield van een klassieke aanhaling die listiglijk verkeerd te pas gebracht werd. En verder op, den heuvel af, was de ongracieuze doch vastberaden juffrouw Skinner, op grappige wijze één geworden met Wilmerding’s „overstap.”6