← Table of contents
Het Stoomhuis

Note 1 — VII. De bedevaartgangers van den Phalgou.

Reading edition

Ik zeg »een blok van steen, dat zichtbaar was,” en ik haast mij er bij te voegen »zichtbaar alleen voor de Hindoes,” want geen Europeaan is het vergund deze goddelijke voetstappen te aanschouwen. Misschien moet men, om ze goed op den wonderdadigen steen te onderscheiden, een sterk geloof hebben, dat men niet meer aantreft bij de geloovigen der westelijke volkeren. Hoe dit zij, Banks bood dezen keer te vergeefs zijne ropijen aan. Geen priester wilde aannemen wat de prijs van een heiligschennis zou geweest zijn. Ik zou niet durven beslissen of de som niet groot genoeg was voor het geweten van een brahmaan. Zeker is het, dat we niet tot in den tempel konden doordringen en ik heb er niet achter kunnen komen, wat er eigenlijk van is, van dat zachte en schoone jonge mensch, hemelsblauw gekleurd, gekleed als een koning uit ver vervlogen tijden, beroemd door zijne tien incarnaties1, die het behoudend beginsel vertegenwoordigt, in tegenoverstelling met Çiva, het woeste zinnebeeld van het vernietigend beginsel en dien de Vaichnavas, de aanbidders van Vishnoe erkennen als den eerste der drie honderd dertig millioenen goden, die hunne bij uitnemendheid polytheïstische mythologie bevolken.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings