Note 10 — (Juli 1290–1292?)
Nico van Suchtelen translation
Nadat deze canzone geschreven was, kwam er iemand tot mij die volgens de graden der vriendschap mijn vriend was onmiddellijk volgende op dien grootsten: en deze was door bloedverwantschap zoo nauw verbonden aan de glorierijke, dat niemand haar nader stond10. En toen hij bij mij was om mij te spreken, verzocht hij mij of ik voor hem iets wilde zeggen over eene dame die gestorven was; en hij veinsde zijne woorden, opdat het zou schijnen alsof hij over eene andere sprak, die korteling gestorven was: waarop ik, bemerkende dat hij alleenlijk sprak over de gebenedeide, hem toezegde te zullen doen wat zijn verzoek mij vroeg. Waarop ik, hierover nadenkende, mij voornam een sonnet te schrijven, waarin ik ietwat klaagde en dit te geven aan dezen mijnen vriend, opdat het schijnen zou als hadde ik het voor hem gemaakt; en ik schreef daarop dit sonnet: “O komt en luistert naar mijn zuchte’ en klachten....”