← Table of contents
Het Leven der Dieren: Deel 3.7, De Weekdieren

Note 2 — DE PLAATKIEUWIGEN (Lamellibranchiata). (continued 2)

Reading edition

Hoewel de Paalworm reeds aan de ouden bekend was en te allen tijde ook onze zeeën bewoond schijnt te hebben, werd echter eerst in 1730 de algemeene aandacht op dit Weekdier gevestigd. In genoemd jaar vertoonde het zich aan den Westkappelschen zeedijk en andere zeewerken van Walcheren. In het midden van September 1731 werden de Drechterlandsche zeedijken door storm geteisterd en tot niet geringen schrik zag men, dat de palen, ter bescherming van dien dijk en langs de Bovenkarspelsche en Grootebroeksche dijken ingeslagen, bij den grond af braken. Ditzelfde feit werd op Texel en aan de Friesche kust waargenomen, waar nieuwe palen zoodanig doorknaagd werden, dat zij vanzelf omvielen. Hierdoor werd een ontzaglijke schade aangericht: alleen in Noord-Holland kostte de dijkverbetering 5½ millioen. Om een dijk te beschermen2 werd aan de zeezijde de buitenglooiing ter breedte van 3 à 4 M. uitgegraven tot 0.5 à 0.7 M. beneden laagwater. Deze lange, evenwijdig met den dijk loopende sleuf werd met in zee opgevischt wier aangevuld niet alleen, maar terzelfder breedte tot 2 à 3 M. boven volzee opgestapeld. Een ontzaglijke massa wier was hiervoor noodig, daar dit materiaal door het steeds ophoogen zoodanig in elkander zakt, dat van een 1 à 1.5 M. hooge opstapeling in het onderste deel van de „wierriem” slechts een laag van 0.1 M. dikte overblijft. De wierriemen hadden bovendien het nadeel van te slijten door het dagelijksch golfgeklots: tusschen laag- en hoogwater uitgehold, vertoonden zij neiging om in te storten door aandrang van den achterliggenden grond en eigen gewicht. Daar het inzetten van stukken niet mogelijk is, werden de uitgeholde wierriemen, om het vernieuwen van een geheel vak te vermijden, onder de voorzijde met puin en zwaren steen bestort en zoo tegen omvallen beveiligd. Deze bestorting werd aan de zeezijde allengs verzwaard, de wierriem geheel aangestort en zelfs ondergestort en het puin tegen het wegslaan met zwaren steen bedekt. Zoodoende ontstonden de glooiingen van dijksteen.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings