Note 90 — AEN DEN LEEUW VAN HOLLANT. (continued 2)
Reading edition
De Heer Repelaer zeide: »Wat het droogmaken van het Haarlemmermeer aangaat, hoe wenschelijk die zaak op zich zelve ook beschouwd moge worden, en in de gevolgen van belang voor het Rijk moge zijn, zoo doet zich echter alhier de vraag op, of het raadzaam is, zoodanige onderneming juist in de tegenwoordige omstandigheden te beginnen: indien er toch geen periculum in mora bestaat, zoude men dan die bewerking niet tot geschikter gelegenheid kunnen uitstellen? zijn er zoodanige dringende redenen aanwezig, welke de droogmaking van dat Meer zonder uitstel en gebiedend vorderen; waarom dan dezelve, het zij met eerbied gezegd, aan deze vergadering niet kenbaar gemaakt? Mogten er echter geene zoodanige overwegende redenen bestaan, ware het dan niet beter een gunstiger tijdstip daartoe uit te kiezen90?”