← Table of contents
Het Eiland Urk

Note 24 — GEOGNOSTISCHE GESTELDHEID.

Reading edition

Overijsselsche Almanak voor oudheid en letteren 1847, bl. 271. Het gewigt der zaak noopt mij daaruit het volgende over te schrijven.

„Tusschen Schokland en Urk op ⅔ van 't eerste en ⅓ van Urk, is eene plaats in zee, algemeen onder den naam van het Kerkhof bekend. Nog heden zijn er muren van drie voet boven den bodem der zee, en door een 80jarig, onlangs overleden man, volgens zijn zeggen, bij laag water gezien; en dat men hier tevens aan eene kerk moet denken, wordt hoogst waarschijnlijk. Op Schokland leeft thans Bruin Visser, wiens vader, in 1842, in 91jarigen ouderdom, is overleden. Deze grijsaard was voor 70 jaren (dat is omtrent 1772) met zijn visschuit over het Kerkhof gevaren, en had toen in zijne netten een kerkkandelaar, van welk metaal wordt niet gemeld, gevonden, en dezelfde man getuigde, dat de heden nog in de Roomsche kerk op Emmeland aanwezige doopvont, vandaar gehaald was.”

Wat de schrijver er verder op laat volgen, aangaande eene uit kei- of balsteenen bestaande streep in zee, welke van Schokland, in de rigting van dit Kerkhof, ver in zee loopt, en door de visschers een straatweg wordt genoemd, schijnt minder bewijzend, daar dergelijke in de Zuiderzee menigvuldig voorkomende stroken van meerdere of mindere uitgestrektheid (zie ook de Konst- en Letterbode 1847. I. bl. 82) hoogstwaarschijnlijk niet anders zijn, dan ontbloote zand- en steenruggen, van dergelijken aard als het rif, dat Urk omgeeft, gelijk reeds door Acker Stratingh (L. c. p. 245) te regt is opgemerkt.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings