← Table of contents
Het boek van Siman den Javaan

Note 190 — HET BOEK VAN SIMAN DEN JAVAAN. (continued 3)

Reading edition

De andere vrouwen in haar eigen afdeeling, meest meisjes, waren van een vrij lichtzinnig slag, dat had Djiah al spoedig gemerkt. Haar gesprekken wezen dat wel uit. Vooral de mollige, stevige Satima was een ondeugd. Wel, ze maakte er ook geen geheim van, dat ze precies wist waar Abraham de mosterd haalde. Men wist van haar te vertellen dat ze in den Oosthoek een tlèdèk190 was geweest en erg veel geld verdiend had, niet zoozeer met het dansen, als wel met wat daarna komt. Satima sprak over die dingen zelf niet. Het was nergens noodig voor. En evenmin vertelde ze haar gezellinnen dat ze mandoer Kario heelemaal had weten in te palmen, dat Kario heel vaak des nachts bij haar kwam en dat zij daaraan haar hoog salaris had te danken en daaraan alleen, want voor den arbeid was zij vrijwel de minste. Zooals reeds gezegd, Kario was een don Juan en daarin ligt de verklaring dat de vrouwen in het pakhuis meest jong en mooi waren. En in haar eigen belang moesten zij wat toeschietelijk zijn. Trouwens in de desa’s neemt men het zoo nauw niet met de zedelijkheid, of, om het juister uit te drukken, met onze begrippen van zedelijkheid.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings