Note 156 — HET BOEK VAN SIMAN DEN JAVAAN. (continued 2)
Reading edition
Den volgenden dag zou Siman moeten uitkomen, in een andere ploeg van dertig man. En het aanplanten van palawidja zou er op die manier onder lijden. Er was toch niet vooruit te zien hoe lang nog aan den weg tusschen Tji-Empoek en Karang-Tengah gearbeid zou moeten worden; en ook wist men niet of de eigenaren daarna niet nog andere werken zouden wenschen te doen uitvoeren in onbetaalden dienst. Afgesproken werd daarom dat morgen aan den dag Pah Ran, geholpen door Ipah en Djamin, de katjang in den grond zou brengen. Er was maar een kleine uitgestrektheid te beplanten, want men had zich voorgesteld de rest te bebouwen met djagong156, die reeds was ingekocht.