Note 77 — Internationaal auteursrecht
Reading edition
Japan zag dus zijn voorstel geheel terzijde gesteld en moest zich bij dit besluit der Conferentie wel neerleggen. Daar het reeds toegetreden is tot de Add. Acte van Parijs, blijft er—tenzij het geheel uit de Unie wil treden—geen andere weg voor dit land over, dan zich te blijven vasthouden aan hetgeen te Parijs ten aanzien van het vertalingsrecht is bepaald (gelijkstelling in duur met het overige auteursrecht, mits binnen tien jaar eene vertaling met goedkeuring van den auteur verschijnt). Op de zitting van 13 November 1908 werd bij de behandeling van het nieuwe artikel 8 dan ook door den Japanschen gedelegeerde Horiguchi Kumaichi eene verklaring in dien zin afgelegd. Eenzelfde verklaring werd daar ook namens Spanje gedaan77. Deze twee staten zullen dus bij de bekrachtiging der Conventie 1908 artikel 8 niet aanvaarden, maar zich houden aan de bepaling van art. 5 Conventie 1886, gewijzigd door de Add. Acte van Parijs.