← Table of contents
Het Auteursrecht in het Nederlandsche en internationale recht

Note 32 — Internationaal auteursrecht

Reading edition

Het tweede lid van artikel 6 is volkomen overbodig. Op de Conferentie van Berlijn stelde de Duitsche Regeering voor het te laten vervallen. Als motief hiervoor werd opgegeven, dat het geval, waarop de bepaling betrekking heeft, zich niet meer zou kunnen voordoen, wanneer—wat deze Regeering eveneens voorstelde—het uitsluitend vertalingsrecht met het reproductierecht in duur zou zijn gelijkgesteld. Het was dan immers niet meer mogelijk, dat op een werk wél auteursrecht en geen vertalingsrecht bestond32. Doch ook al was deze laatste wijziging in de nieuwe Conventie niet tot stand gekomen, bestond er alle reden om de bepaling te doen verdwijnen. Het spreekt vanzelf dat een vertaler geen recht heeft, zich tegen het uitgeven van andere vertalingen te verzetten, daar het object van zijn recht is: de door hemzelf gemaakte vertaling. Het recht om zich tegen de uitgave van andere vertalingen te verzetten (dus: het uitsluitend vertalingsrecht) komt natuurlijk alleen den auteur van het oorspronkelijke werk toe. Deze kan dat recht aan een vertaler hebben overgedragen; maar met dit geval behoefde de Conventie zich niet in te laten, en allerminst in een artikel dat het recht van den vertaler op zijne vertaling regelt. Men ziet hier weer dezelfde dooreenhaspeling van de beide rechten, als waarvan hierboven sprake was.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings