Note 161 — Historische inleiding
Reading edition
Nadat op haar in 1895 te Dresden gehouden Congres de beginselen waren besproken, die als basis zouden kunnen dienen om in de wetgevingen van de tot het Verbond behoorende landen eenheid te brengen, heeft eene Commissie uit haar midden zich daarna beziggehouden met het opstellen van een ontwerp model-wet (loi-type) met deze beginselen tot grondslag. Dit ontwerp maakte op de volgende congressen herhaaldelijk het onderwerp van belangrijke besprekingen uit en werd in den loop der jaren ook op enkele punten gewijzigd. Op het Congres te Parijs in 1900 heeft de heer Georges Maillard, die een belangrijk aandeel in deze werkzaamheden heeft genomen, doel en strekking hiervan nog eens uiteengezet161. Hij heeft er toen op gewezen, dat het ontwerp niet moet beschouwd worden als eene model-wet in dien zin, dat het, theoretisch gesproken, eene ideaal-regeling zou geven. De samenstellers hebben slechts de bedoeling gehad, de voornaamste elementen tot een geheel te vereenigen, waarover h. i. kans bestaat, dat de wetgevers der beschaafde staten het binnen afzienbaren tijd eens zullen kunnen worden. Het geeft dus niet die mate van bescherming, welke de Association in het algemeen wel zou wenschen (uit de besprekingen op hare congressen van verschillende auteursrecht-kwestiën blijkt, dat de meerderheid harer leden op de meeste punten nog verder wil gaan); doch het minimum, dat zij binnenkort voor alle staten bereikbaar acht. Wat den vorm en het systeem van dit ontwerp betreft: het is niet de bedoeling der samenstellers geweest, dat de tekst woord voor woord in alle landen tot wet zou worden gemaakt. Slechts de beginselen worden er in geregeld; waar men de beslissing van sommige punten liever niet aan den rechter overlaat (hierbij dacht men zeker vooral aan Duitschland), zullen de meeste bepalingen nog aanvulling behoeven. Het geheele ontwerp bestaat dan ook slechts uit zestien artikelen.