Note 72 — Grondslag en rechtskarakter
Reading edition
Hierin nu moest de theorie noodzakelijk te kort schieten en dit schijnt de heer Lohman ook ten slotte zelf min of meer te hebben ingezien; althans op de vergadering der Juristen-Vereeniging liet hij zich als volgt uit: „Nu moge het moeilijk zijn uit te maken welk deel van het loon hij” (scil. de auteur) „moet ontvangen voor den arbeid, dien ook hij aan dat boek heeft ten koste gelegd: zeer zeker moet hij een deel daarvan hebben”72. Met deze verklaring is feitelijk erkend, dat de theorie niet kan geven wat de heer Lohman ermede had willen bereiken. Want hoe zal het beginsel „de auteur heeft recht op het loon van zijn arbeid” den wetgever als een „veilig kompas” kunnen dienen, indien eerst langs anderen weg moet worden uitgemaakt, hoeveel dit loon bedraagt?