Note 91 — De objecten
Reading edition
Eene bewering, die men bij bijna alle bestrijders van het vertalingsrecht terugvindt, is deze: de vertaler heeft door zelfstandigen intellectueelen arbeid een nieuwen vorm gegeven aan de gedachten van den oorspronkelijken auteur. Deze laatste kan op die „gedachten” geen recht meer laten gelden, daar zij door de publicatie gemeengoed zijn geworden91. Wat dit argument heeft te beteekenen, meen ik reeds voldoende in het licht te hebben gesteld bij mijne beschouwingen over vorm en inhoud der geschriften. De vertaler neemt niet maar „gedachten” over van den oorspronkelijken schrijver; wat hij overneemt is de inhoud en de innerlijke vorm, welke laatste—zooals uitvoerig is aangetoond—steeds—ook bij geschriften van wetenschappelijken aard—als eene aesthetische schepping van den auteur is aan te merken. Dat de vrije verspreiding van „gedachten” door het auteursrecht zou worden belemmerd, is hierboven m. i. ook reeds voldoende weerlegd.