Note 41 — De objecten
Reading edition
„Wat gij doen moet” (nl. bij het voordragen van verzen) „is alleen op den vorm van de verzen letten en den vorm alleen moet gij laten hooren. De verdeeling van de klanken, of wat men den rhythmus noemt, en het geluid van de klanken... Ik spreek nu gemakshalve van den vorm, om u duidelijk te maken wat ik bedoel. In rhythmus en geluid zit de geheele inhoud, zoodat men eigenlijk niet van een afzonderlijken vorm kan spreken. Vorm en inhoud van een gedicht zijn geen twee werkelijk bestaande en van elkander afgescheiden dingen; alleen kan men van inhoud en van vorm spreken in het abstracte”41.