← Table of contents
Het Auteursrecht in het Nederlandsche en internationale recht

Note 31 — De objecten

Reading edition

Tot dezelfde conclusie kwam ten onzent o. a. Prof. Dr. J. P. N. Land31. Taal en gedachte dekken elkander nooit volkomen volgens dezen schrijver; veel blijft er altijd overgelaten aan de opgewekte eigen werkzaamheid van den hoorder of lezer. „Reeds dat schetsachtige van alle spreken en schrijven, en de behoefte aan tegemoetkoming van den anderen kant, maakt de vereenzelviging van denken en spreken, als ééne zaak met een binnen- en een buitenzijde, onaannemelijk”. Ook deze schrijver geeft toe, dat het denken, uit kracht der gewoonte, wel meestal met spreken of althans met voor zichzelf in woorden brengen, gepaard gaat. Doch hij wijst erop, dat dit nog geen „denken in” de eene of andere taal beteekent. Want hoe dikwijls zou men niet wenschen verschillende talen door elkander te mogen gebruiken, om elk deel van hetgeen men denkt goed tot zijn recht te laten komen, en hoe dikwijls moet men niet iets van de schakeering zijner gedachten opofferen om de taal zuiver te houden32.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings