← Table of contents
Hermelijn

Note 3 — XX.

Reading edition

Tegen den middag kwam men aan het hooggelegen, bijna geheel in de bosschen verscholen huis van August; het was van bamboes opgetrokken en met atap3 gedekt, maar het zag er toch netjes uit. Een loentasheg omgaf het van drie zijden; in de voorgalerij stonden potten met bloemen, die Hermelijn wel wat kinderachtig vond, daar waar men de heerlijkste exemplaren van het plantenrijk voor het bewonderen had in den vrijen grond; de kerees4 hingen neer, maar op het getrappel van papa’s paard kwamen een zestal kereltjes, van verschillende schakeeringen bruin, opstuiven. Het eenige verschil was dat eenige in hansop, schilderachtig badjoe monjet (apenbaadje) genoemd, waren gekleed zonder aanzien van geslacht of leeftijd, terwijl de anderen dit eenige kleedingstuk geheel misten. De jongste scheen nauwelijks één jaar en hield een groote pisang5 onophoudelijk tusschen hand en mond, de anderen hadden òf kuikens, òf vruchten in de vuile vingers.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings