Note 2 — Hoofdstuk XIV. Folklore.
Joanna Petronella Wesselink-van Rossum translation
Daarna nam zij den koek uit haar tasch, maakte het teeken des kruises2 en begon haar maal. Nauwelijks was zij begonnen te eten of een haan verscheen en vloog naast haar, alsof hij om een deel er van vroeg. Het goede meisje kruimelde een stukje van haar koek en voerde het hem. Kort daarna kwam een kleine hond en begon op zijn wijze van zijn vriendelijke gevoelens jegens haar blijk te geven. Het meisje brak weer een stuk van haar koek af, nam het hondje voorzichtig op haar schoot en begon het te voeren en te liefkoozen. Daarna kwam een kat en daarmede deed zij hetzelfde.