Note 67 — INLEIDING1
Reading edition
Ondertusschen67 heeft Dr. Joh. Bolte Tieck’s vertaling van het (in eersten druk waarschijnlijk tusschen 1590 en 1598 verschenen) Engelsche drama Mucedorus in ’t licht gegeven.68 Tusschen dit stuk en Granida vindt hij, bij alle verschil, zoo treffende overeenkomst, dat hij niet aarzelt het eene voor afhankelijk van het andere te verklaren. Dat Granida in zijn geheel een eigen werk van Hooft is, spreekt voor den Uitgever van Mucedorus van-zelf. Hooft moet den Mucedorus dus gekend hebben en hij kan hem hebben leeren kennen door de Engelsche Komedianten, die het vasteland aan zooveel dramastof geholpen hebben. Men zou anders aan een gemeenschappelijken oorsprong kunnen denken. Maar deze onderstelling zou buitendien toch vervallen, omdat Mucedòrus (zooals Bolte aanwijst) uit een episode in Philip Sidney’s roman Arcadia (1590) ontstaan is, en Granida meer annex met Mucedorus is dan met de Arcadia 69. De episode in de Arcadia is aldus: De Thessalische prins Musidorus is verliefd op de prinses Pamela. Hij wil haar in herderskleeren trachten te naderen. De herder-prins nu redt haar van een beer, terwijl de herder Dametas, aan wier zorg ze is toevertrouwd, haar in den steek liet. Musidorus biedt de prinses een bereklauw aan en van den Koning, haar vader, vraagt hij als gunst, dat hij bij Dametas in dienst mag treden, om altijd bij de prinses te zijn.