Note 88 — Vijfde hoofdstuk.
Reading edition
De landbouw en handel gingen tijdens het bestuur van Hughes niet achteruit. Van 5 Januarij 1807 tot 5 Januarij 1808 werden uitgeklaard: naar Engeland 31 schepen, naar de Britsche bezittingen op het vaste land van Amerika 8, naar Britsche West-Indische eilanden 23, naar de neutrale staten van Amerika 28, te zamen 118 schepen, beladen met voortbrengselen der kolonie. Bij de levendigheid van de scheepvaart verloor men wel eens de noodige voorzorg, om steeds bij het convooi te blijven, uit het oog; zoo werden in September o. a. drie uit de kolonie vertrokken schepen, tengevolge dier onvoorzigtigheid, door een Franschen kaper buit gemaakt: een dier schepen, de Neptunes, had goederen en papieren voor de Britsche regering aan boord88.