← Table of contents
Geschiedenis van Suriname

Note 55 — Vijfde hoofdstuk.

Reading edition

Tot het opvolgen van dien raad van Heshuysen werd weldra besloten;—men was in Suriname hier zoo aan gewend—en, na verkregen magtiging van het Britsch bestuur, werd het papieren geld op nieuw vermeerderd met 4000 billets de banque, ieder à ƒ 125 dus te zamen voor eene som van ƒ 50,000. Het Britsch Gouvernement had bij het verleenen van zijne toestemming hiertoe, echter uitdrukkelijk bepaald, dat men de noodige voorzorgen moest gebruiken, ten einde het Britsch bewind, zoo Suriname, bij den vrede, teruggegeven werd, voor alle aansprakelijkheid ten deze te vrijwaren55. Deze maatregel hielp echter weinig; spoedig heerschte er op nieuw geldgebrek in de koloniale kassen. Een op nieuw aangevraagde vermeerdering van papieren geld werd nu door de Engelsche regering niet toegestaan56, en zoo wist men weldra niet meer wat te doen:—alleen voor het onderhoud van het vrijcorps kwam men jaarlijks meer dan ƒ 100,000 te kort. Het Hof drong bij herhaling aan, om vrijheid te erlangen tot vermeerdering van het papieren geld, of ondersteuning der Engelsche regering te ontvangen voor het onderhoud van het vrijcorps57.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings