Note 15 — Vijfde hoofdstuk.
Reading edition
Daar Suriname nu eene Britsche bezitting was geworden, moest de handel van de Kolonie met Groot Brittanje worden geregeld. Bij Proclamatie van 29 Mei 1804 werd »aan alle Britsche onderdanen de handel naar en van deze Kolonie veroorloofd, met in achtneming van alle rechten, schikkingen, voorwaarden, bepalingen, poenaliteiten en verbeurdverklaringen, als op den handel naar en van Z. B. M. Coloniën, Plantagiën en eilanden, ergens in de West-Indië gelegen, zijn vastgesteld, of voortaan bij wetten nog zullen worden vastgesteld”15.