Note 1 — Vijfde hoofdstuk.
Reading edition
Deze verdeeldheid, dat wantrouwen, die onderlinge afgunst belette eene krachtdadige verdediging. Officieren door het voorbeeld hunner superieuren weggesleept, weigerden zich aan de bevelen van den Gouverneur te onderwerpen. Dit bragt verwarring te weeg: de voor het fort Nieuw Amsterdam aangevraagde levensmiddelen werden niet verzonden; twee compagniën vrijheden, bestemd voor eene post bij de plantaadje Zoelen, ten einde de omsingeling van de fortres door den vijand te beletten, vertrokken niet derwaarts, de luitenant van Beugen met hun geleide belast, maakte allerlei uitvlugten; eene versterking van het garnizoen aldaar door schutternegers werd evenzeer door dergelijke redenen verhinderd1. Heldhaftig kan de verdediging niet worden genoemd, slechts bij de redoute Leijden had een min of meer ernstig gevecht plaats. De Engelschen vermeesterden de redoute en een gedeelte hunner magt, aan de Commewijne geland, trok, door een verrader geleid, achter het Fort Nieuw Amsterdam om en vond, door het vroeger verzuim, geen tegenstand op den weg, en omsingelde alzoo de voornaamste sterkte der kolonie, het fort Nieuw Amsterdam. Batenburg achtte nu het voortzetten van den strijd tegen eene groote overmagt, een te ongelijken kamp, die slechts nutteloos bloedverlies ten gevolge zou hebben; hij bood den Engelschen bevelhebber eene capitulatie aan, die met kleine wijzigingen werd aangenomen.