← Table of contents
Geschiedenis van Suriname

Note 830 — van 1683 tot 1804. (continued 4)

Reading edition

Sypensteyn deelt in zijn werk: Beschrijving van Suriname, bladz. 45 mede: “Den 13den Augustus 1799 bragt de Gouverneur in den Raad eenen brief van de Hoofden der Bataafsche Republiek, waarbij zij hem aanmaanden de kolonie in hunnen naam te blijven beheeren. Een gelijke brief, uit Engeland van Prins Willem 5 ontvangen, magtigde hem evenzoo om in H. D. naam het bestuur te blijven waarnemen, met uitnoodiging om de in aantogt zijnde Engelschen als vrienden te ontvangen. Deze tegenstrijdige bevelen waren oorzaak van eene langdurige beraadslaging. De Gouverneur, hevig Oranje gezind, moest eindelijk toegeven aan het eenstemmig advies van den Raad, en de Bataafsche republiek werd als souverein erkend.” Noch in de notulen van Gouverneur en Raden, noch in de Extra notulen rakende de Buiten- en Binnenlandsche defensie van dien tijd; noch in de missives van Friderici en der Engelsche bevelhebbers vinden wij echter iets hiervan vermeld. Wij deelen dus deze bijzonderheid, die ook wordt aangehaald door Bosch, Reizen in Suriname, bladz. 52 mede, doch daar wij bij genoemde heeren geen melding vinden gemaakt van den brief van den prins, dato Februarij 1795 vermoeden wij, dat de genoemde schrijvers bij vergissing, den datum later hebben gesteld. Wat dit vermoeden nog meer bevestigt, is de inhoud eener geheime Instructie voor den Vice-Admiraal Raders, “Commandant van ’s Lands Esquader in de West-Indiën.” Genoemde heer ontving den 10den Julij 1797 van het Committé van Marine, den last, om van de groote vloot, staande onder bevel van den Admiraal de Winter, zich met 8 oorlogsvaartuigen en 4 gewapende transportschepen te scheiden en naar Suriname te stevenen, om aldaar met Friderici de beste middelen te beramen, ten einde de door de Engelschen veroverde koloniën te hernemen. Bij artikel 14 dier Instructie wordt hem gelast “om, zoo genoemde coloniën heroverd zijn, te zorgen dat de regering worde veranderd en in dezelve zoodanige personen worden aangesteld, van welke eerlijkheid, ervarenis en Republikeinsche grondbeginselen hij zal overtuigd zijn, en integendeel daaruit weeren alle zoodanige, die zich, als voorstanders van de stadhouderlijke overheersching of als begunstigers van den vijand gedragen hebben, enz.”—“en om zijne keuze van geschikte personen tot het bestier der gemelde coloniën, met des te meer nut voor dezelve, en tot groote gerustheid voor zich zelve te doen, zal hij daarover met den Gouverneur Friderici te Surinamen moeten raadplegen en deszelfs advis innemen, en hetzelve, aan hem geschikt voorkomende mogen volgen.” Uit een en ander blijkt dat Friderici zeer het vertrouwen der toenmalige bewindslieden genoot, en, daarenboven, komt het mij onwaarschijnlijk voor, dat de Prins van Oranje, na eene vroegere weigering, zich op nieuw met een zelfde verzoek tot Friderici zou hebben gewend. Door het verslaan der vloot, onder de Winter, is er niets van de expeditie van Raders gekomen. ↑

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings