Note 169 — van 1683 tot 1804. (continued 4)
Reading edition
Alzoo wordt de slaaf genaamd, die met de verzorging der zieken is belast. Zie F. A. Kuhn, M. D. Beschouwing van den toestand der Surinaamsche plantagie-slaven. Te Amsterdam, bij C. G. Sulpke 1828, en J. Wolbers, de Surinaamsche negerslaaf. Amsterdam, H. de Hoogh. 1854, bladz. 17, 18. ↑