Note 125 — van 1683 tot 1804. (continued 4)
Reading edition
Mauricius schrijft in zijn dagboek den 7den Julij 1750, daar hij eenen dergelijken mislukten togt vermeldt, o. a. “Tijding gekregen, dat de post in Tempate is uit geweest om de wegloopers te vervolgen, dat se ook het spoor gevonden hebben, doch door de sware regens hebben moeten wederkeeren, zeer afgemat en ziek, dewijl se tot de keel toe door de zwampen hebben moeten gaan. NB. Zoo de heeren Amsterdamsche onderteekenaars” (hij zinspeelt hier op zijne tegenpartij, die zich tegen den vrede aankantte) “maar één drie dagen een dergelijken tocht geliefden bij te woonen, zouden se een iedee krijgen, hoe gemakkelijk ’t hier is de wegloopers uit te roeijen.” ↑