Note 1210 — HOOFDSTUK IX. BINNENLANDSCHE WEDIJVER.
Reading edition
Wassenaer (Hist. verh. XI fol. 56) noemt de reeders „twee gebroeders Sybrant en Claes Cornelis. soonen, Serdammers.” De namen, door de R. S.-G. opgegeven, schijnen mij echter meer gezag te hebben.
[1211] Wassenaer (Hist. verh. XI fol. 56) verhaalt, dat de reeders van plan waren „om noch hooger als de vorighe onder den Noortschen Pool te loopen, en daer den Walrus vangst te vorderen.” Het schijnt, dat hij bij dit verhaal het oog had op de Poolzee ten noorden van Spitsbergen (hoewel „’t gevoelen was, dat onder de Pool al meest ghebroocken Eylanden lagen, alsmen in Spitsberghen bevindt”), maar het verhaal is verward en uit den afloop der reis blijkt duidelijk, dat de opgave der R. S.-G. juister is.
[1212] R. S.-G. 7 Mrt. 1626.