← Table of contents
Geschiedenis der Noordsche Compagnie

Note 1123 — HOOFDSTUK IX. BINNENLANDSCHE WEDIJVER.

Reading edition

Poole, Relation of a Voyage to Greenland in 1612, bij: Purchas, Pilgrimes. III p. 714.—Hist. du pays de Spitsberghe. p. 12.

[1124] De heer burgemeester Kien, die met groote welwillendheid op mijn verzoek wel heeft willen nazien, of zijne familiepapieren stukken betreffende de kleine Noordsche Compagnie en haren oprichter bevatten, bericht mij, dat het archief der vereeniging niet onder hem berust. Nicasius Kien was volgens aantekening in gemelde familiepapieren zijnen vader Pieter Kien in November 1604 opgevolgd als Commissaris-generael van de Vivres. Beiden liggen met hunne wapenen begraven in een grafkelder van het koor der Groote kerk te ’s-Gravenhage.

[1125] Ofschoon Leversteyn eerst in 1631 overleed, schijnt hij zich weldra van de zaken teruggetrokken te hebben. Reeds in 1622 toch vinden wij zijnen zoon Adriaen als aandeelhouder der kleine N. C. genoemd; hij zelf stierf als „Contrerolleur vande buyten Ontfanck” te Grave. (R. S.-G. 21 Febr., 22 Mrt. 1631.)

[1126] Instr. der Stn.-Gen. voor Schrobop als commandeur van het konvooi der walvischvaarders dd. 23 Mei 1616, in: Noordsche togten. 4. Loop. N. C. R.-A.

[1127] Zie hiervóor p. 178, 181, 184.

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings