← Table of contents
Geschiedenis der Noordsche Compagnie

Note 127 — HOOFDSTUK I. DE NEDERLANDERS IN DE IJSZEE. (1565-1613.)

Reading edition

Het octrooi der compagnie van Nieuw-Nederland (bij: O’Callaghan, New Netherland. I p. 74) noemt ook den Amsterdamschen oud-burgemeester Gerrit Jacobsz. Witsen onder de reeders van de „Vos.” De Resolutiën der Amsterdamsche admiraliteit spreken van hem geen enkele maal.

[128] Resol. Adm. Amst. 27, 28, 29 Mrt. 1613.—Vgl. De Jonge, Opkomst. I. p. 30.

[129] Resol. Adm. Amst. 14 Aug. 1614.

[130] Waarschijnlijk was op deze reis ook tegenwoordig de bekende Willem Meerman, zoon van den oud-burgemeester en schout van Delft Gerrit Meerman en schrijver van de geestige satire op de kerkelijke geschillen „Comoedia vetus.” Althans Brandt (Hist. der reform. II p. 197) verhaalt van hem, dat hij na lange jaren op zee gevaren te hebben, in 1612 „op een tocht naar ’t Noordtwesten van America ging, om van daer een nieuwe doortoght naar Oostindie te soecken; doch nooit terugkeerde.” Waarschijnlijk heeft dit „overedel vernuft” zich in Nieuw-Nederland gevestigd. Het is waar, dat de reis van de Amsterdamsche reeders in 1613 voorviel, maar ik acht het toch waarschijnlijker, dat Meerman hierbij tegenwoordig was, dan op de reizen in 1612 door de Engelschen Button en Hall gedaan.

[131] Resol. Adm. Amst. 14 Aug. 1614.

[132] Descr. detect. freti. p. 5.—„Nec fervor iste (om den N. doortocht te zoeken)”, dus verhaalt ons daar Hessel Gerritsz. in den zomer van 1613 „in nostris Amsterodamensibus deferbuit plane, superioribus enim mensibus ab ijs emissa est navis, eo tantum fine, ut de transitu, vel Freto Hudsoni inquireret, et num commercij locus sit in istis oris; si vero eventus votis non respondeat, in Oris Novae Franciae negotiabuntur.”

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings