Note 102 — HOOFDSTUK I. DE NEDERLANDERS IN DE IJSZEE. (1565-1613.)
Reading edition
Het plan van Thorne wordt uiteengezet in: „The booke made by Master Robert Thorne,” in: Hakluyt, Divers voyages. p. 48 vlg.—De hier beschreven koers is als „de vijfde wegh naar Cathay” opgenomen in de „Diversche Discourssen de O.-I. vaert betreffende” achter de uitgave der Nederlandsche reizen naar het NO. van Jan Jansz. (1648.)
[103] „Nowe then,” zegt Thorne, „there is no doubte, but sayling Northwarde and passing the pole, descending to the equinoctiall lyne, wee shall hitte those Ilandes.” (nam. de Oost-Indische.)—Over het gevoelen van Plancius zie hiervóor p. 43 Noot 1 en vooral: Jeannin, Négotiation. II p. 276, 77.
[104] Dat de koers door de noordpoolreizigers gevolgd niet met hunne instructiën overeenkwam, blijkt duidelijk uit De Veer’s inleiding voor de eerste reis. (Drie seylagien. fol. 1, 2.) Barendsz. schijnt na het mislukken zijner reis in 1597 van plan geweest te zijn, van de Noordkaap recht naar het NO. te zeilen. Zie ook de opdracht der Drie seylagien aan de Staten-Generaal.
[105] Zie vooral de merkwaardige plaatsen in: De Veer, Drie seylagien. fol. 18.—Vgl. ook ald. Opdr. en fol. 1, 2.
[106] De Veer, Drie seylagien na de Coninckrijcken van Catthay ende China. Opdr. en fol. 2.
[107] De Veer, Drie seylagien. Opdr. en fol. 1, 2, 9, 18.—De Jonge, Opkomst. I p. 18.—Zie eene uiteenzetting en kritiek van dit plan in het „Discours van Joh. Is. Pontanus” achter: Begin ende Voortgangh van de Oost-Indische Compagnie. p. 70.