Note 1 — Achtste hoofdstuk.
Hendrik Cornelis Rogge translation
Volgens Diodorus. Plato meldt, dat de Egyptenaars in zijn tijd bij de wet verplicht waren hunne beelden even schoon of liever even leelijk te maken als voor duizend jaren; de gedenkteekenen bevestigen dit. Toch heeft de studie der gedenkteekenen bewezen, dat elk tijdperk zijn kunststijl had. In het oude rijk zijn de vormen gedrongen; onder Seti I bereikt de schoonheid der proportiën haar hoogste punt; onder de 20e dynastie begint de kunst te vervallen, om nog eens onder de 26e, de dynastie der Psamtiks, te bloeien.