← Table of contents
De Reis om de Wereld

Note 11 — De Galápagos-Archipel.

J. Brandt translation

Wij zullen nu overgaan tot de klasse der kruipende dieren, welke aan de fauna dezer eilanden het treffendste kenmerk verleent. De soorten zijn niet talrijk, maar het getal individuën van elke soort is buitengewoon groot. Men vindt er: eene kleine hagedis, die tot eene Zuidamerikaansche familie behoort; twee soorten (en waarschijnlijk meer) Amblyrhynchus—eene familie, die tot de Galápagos-Eilanden beperkt is; en talrijke individuën van eene slang, die, zooals Bibron mij bericht, dezelfde is als Psammophis Teminckii uit Chili.11 Van zeeschildpadden (Cheloniidae) zijn er, geloof ik, meer dan ééne soort; en straks zullen wij zien, dat er twee of drie soorten of rassen van landschildpadden (Chersidae) zijn. Dat er geen padden (Bufonidae) en kikvorschen (Ranidae) waren, verwonderde mij, aangezien de gematigde temperatuur en de vochtige bovenbosschen zoozeer voor hen geschikt schenen. Ik herinnerde mij de opmerking, door Bory St.-Vincent gedaan, nl. dat er op geen der vulkanische eilanden in de oceanen een individu dezer onderorde (Phaneroglossa) gevonden wordt.12 Voor zoover ik in verschillende werken kon nagaan, schijnt dit voor den geheelen Stillen Oceaan te gelden, en zelfs voor de groote eilanden van den Sandwich-Archipel. Mauritius vormt schijnbaar eene uitzondering, want ik vond er de Rana Mascariensis in overvloed. Volgens zeggen bewoont deze kikvorsch thans de Sechellen, Madagascar en Bourbon; daarentegen verklaart Du Bois in zijn “Voyage” in het jaar 1669, dat er op Bourbon geen kruipende dieren waren, uitgezonderd schildpadden; en de Officier du Roi verzekert, dat er vóór 1768 vergeefsche pogingen zijn gedaan, om kikvorschen op Mauritius in te voeren, vermoedelijk om als voedsel te dienen; zoodat wel betwijfeld mag worden of deze kikvorsch een oorspronkelijke bewoner van genoemde eilanden is. Het ontbreken van de kikvorschen-familie op de eilanden der groote oceanen is des te merkwaardiger, om de tegenstelling daarvan met de hagedissen (Lacertidae),13 die op de meeste kleinere eilanden wemelen. Zou dit verschil niet hieraan zijn toe te schrijven, dat de door kalkschalen beschermde eieren van hagedissen gemakkelijker door zout water vervoerd konden worden, dan het slijmige broedsel van kikvorschen?

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings