← Table of contents
De Nederlandsche stad- en dorpbeschrijver, Deel 3 (van 8)

Note 2 — HET DORP OUDERKERK AAN DEN AMSTEL.

Reading edition

Wij bedoelden met dit zeggen, dat de verwachting van den moed, maar vooral van het beleid der verdedigers niet groot heeft kunnen weezen, uit aanmerking van den aart hunner omstandigheden; ’t waren tog slechts burgers, wel geoefend in het handelen der wapenen, maar niet geoefend in den krijg: de handwerktuigen werden verwisseld met de wapenen; de vredige plaats der broodwinning met het oorlogsveld; de koopman lag de pen neder, en vattede den staf van commando op, als bevelhebber in eenen bloedigen krijg: en tegen een geoefend volk, een volk dat zig onder de oorlogende Europeêrs eenen naam verworven heeft: en deeze stille burgers deeden wonderen; toonden Batavieren te zijn; toonden onverschrokken te durven staan, als ’t aankwam op de verdediging van Land en Volk!—zeker hunne omstandigheid behoort vooral in aanmerking genomen te worden, wil men geen gevaar loopen van hunnen behaalden roem te kort te doen. ↑

Explore with AITake your curiosity a little further.

Reading settings