Note 34 — III. Geslachtsnamen van allerlei oorsprong.
Reading edition
De oorsprong van sommige maagschapsnamen, afgeleid van haar- en huidkleur, heb ik op bl. 341–344 vermeld. Waren de namen De Blaeuwe, Blaauw, enz. en De Groen en Groen my reeds twyfelachtig—wat zal ik dan maken van Bladergroen, Hoogbruin en Reynwit? In welken zin kunnen deze namen eerst in gebruik gekomen zijn om mannen aan te duiden? Ik weet het niet. De drie laatstgenoemde namen zijn, op zich zelven genomen, nog verstaanbaar. Maar de geslachtsnamen Croockewit en Hulsewit zijn my volkomen onverklaarbaar. Zoo schijnt ook de geslachtsnaam Bruinzwart, die ook als Bruinswart voorkomt, tamelik vreemd. Maar hier helpt ons de geslachtsnaam Van Bruinzwaard uit de onwetendheid. Immers het voorvoechsel van duidt aan dat wy hier met eenen plaatsnaam te doen hebben. En zoo is het in der daad. Deze drie geslachtsnamen zijn anders niet als verhollandschte formen van den frieschen plaatsnaam Brunswarden, zoo als een gehucht heet by het dorp Rodenkerk in de oud-friesche gou Butjadingerland (Oldenburg). De geijkte naam Brunswarden wordt door het friesche volk steeds als »Brunswert” (natuurlik met hoogduitsche u) uitgesproken, even als de Friesen hunne hoofdstad Leeuwarden ook Liowert noemen, het dorp Sengwarden Sennewert enz. De form van den geslachtsnaam Bruinswart is eene regelrechte verhollandsching; maar Bruinzwart en Van Bruinzwaard zijn verbasterde formen. Die deze namen eerst alzóó hebben geschreven, hebben ongetwyfeld het woord Bruins-wart niet verstaan. Zy hebben gemeend dat het »Bruin-swart” was. De eene heeft daarby waarschijnlik gedacht aan zekere kleur, bruinachtig-zwart; de andere aan een bruin zwaard. Zij hebben de s niet erkend als eindletter van eene lettergreep of een woord (bruins), maar hebben die letter als beginletter (swart of ook swaard, zwaard) aangezien. Zoo kwamen zy er ook toe om die s te verwisselen met eene z, op hollandsche wyze. Volkomen door het zelfde misverstand wordt de geslachtsnaam Van Lamzweerde tegenwoordig aldus geschreven, als of hy bestond uit de woorden lam en zweerde, en niet Van Lamsweerde, gelijk het wezen moeste. Echter draagt eene nederlandsche maagschap dezen naam ook aldus in den goeden form. Immers is deze geslachtsnaam ontleend aan den naam van den polder Lamsweerde, in het Land van Hulst, Zeeusch-Vlaanderen, gelegen. Deze naam Lamsweerde (Lams-weerde) wordt tegenwoordig wel verhollandscht tot Lamswaarde, en nog meer verbasterd tot Lamzwaarde. Zoo ook worden de plaatsnamen Ammersode (Ammers-ode), dorp in den Bommelerweerd, Gelderland, en Walsoorde (Wals-oorde), de veerbuurt aan de Schelde by ’t dorp Hontenisse in het Land van Hulst, heden ten dage wel als Ammerzoden en Walzoorden misformd en onverstaanbaar gemaakt.34 En dat deze verkeerde afbreking der lettergrepen, met de misspelling van s als z, daardoor veroorzaakt, reeds oud is, bewijst de naam van den balju van Rotterdam, Willem van Reymerzwale (dat is: Reymerswale [Reimer ’s wale], de toen nog bestaande zeeusche stad); welke naam alzóó geschreven, voorkomt in eene oorkonde van den jare 1514.35